De Vrijheidsmaaltijd in de KGK, in samenwerking met The Spirit of Amsterdam. Dit jaar stond de avond in het teken van Queer Liefde. Soms is het al verzet om te bestaan. Om lief te hebben. Om zichtbaar te zijn. En dus kwetsbaar. Ook anno 2026…
Op 5 mei kregen drie queer makers het podium. Drie stemmen, drie lichamen, die in de samenleving vaak als ongemakkelijk en abnormaal worden gezien. En toch – in alle onvrijheid in deze wereld: vrij.
Niet alles verliep vlekkeloos. Er waren technische mankementen, niet iedereen was altijd goed verstaanbaar, en er moest hier en daar flink geïmproviseerd worden. Maar dat deed uiteindelijk weinig af aan wat er gebeurde. Wat mij misschien nog het meest raakte, was de verbazing en ontroering die ik opmerkte bij verschillende bezoekers. Niet alleen door de kunst zelf, maar door het eenvoudige gegeven dat queer mensen, notabene in een kerk, het podium kregen. Voor ons KGK-ers is dat misschien vanzelfsprekend, maar voor veel mensen is dat nieuw, en betekent dat heel, heel veel. (We zullen dat ook weer ervaren op 2 augustus tijdens de Pride Kerkdienst. Uitlegger dit jaar is de Amerikaanse bisschop Gene Robinson, die 25 jaar geleden in de wereldfamilie van Anglicaanse Kerken de eerste openlijk homoseksuele bisschop was. Een icoon! Mis het niet! Maar dat even terzijde 😉)
Queer liefde in de spotlight dus. Letterlijk. Één van de makers klom op 5 mei in diens act op de (liturgische) tafel. Schaars gekleed danste die: de littekens op de plek waar ooit diens borsten hadden gezeten, zichtbaar. Voor sommigen was dat even slikken. Juist op de plek waar we zondag na zondag brood breken en druivensap schenken. Dat begrijp ik.
Maar hoe langer ik erover nadenk, hoe meer ik geloof dat juist daar iets wezenlijks gebeurde. Want die tafel vertelt het verhaal van een mens die werd afgewezen, bespot, veroordeeld en gebroken. Het verhaal van een lichaam dat, een mens die er niet mocht zijn. En juist daarom voelde het voor mij niet als een ontwijding van die plek, maar als een onverwachte vorm van herkenning. Daar stond iemand die zichtbaar maakte hoe pijnlijk het is om niet binnen de norm te passen, en uitgespuugd te worden. Iemand die woorden gaf aan het verlangen om gezien te worden. Aan de ervaring van er niet bij horen. Aan de moed die nodig is om toch te verschijnen. Mét diens littekens, in alle naaktheid en kwetsbaarheid. En zo werd het op 5 mei opeens Pasen. Wie wordt weggeduwd, mag opstaan. Dansen. Leven. In Gods Naam. Juist op die tafel, waar wij zondag na zondag aan breken en schenken.
Ik ben dankbaar voor de Spirit of Amsterdam die de makers koppelde aan onze kerk. Voor onze harde werkers die de avond mogelijk maakten. Voor de technici en de koks. Voor iedereen die aanschoof. Voor de gesprekken die ontstonden. En dankbaar ben ik voor de momenten waarop het even schuurde. Want begint vrijheid niet precies daar?
Wanneer dit kerkblad verschijnt, vieren we inmiddels Slotzondag. We hebben alle harde werkers in de KGK bedankt. (Heb je het gemist? Dan bij deze!) En nu nodigt de zomer ons uit om op adem te komen. Op te laden. Nieuwe kracht op te doen. Misschien ook om de verhalen en ontmoetingen van het afgelopen jaar nog eens in gedachten door te bladeren. Ik wens je een goede zomer toe. Met rust om te ontvangen, en met moed om te leven en te dansen in het licht.
Het licht van de Eeuwige – zomers zonlicht – voor jou! Annelies
